Naar de hoofdinhoud
Naar de homepage
Kennisbank

WOZ-bezwaar in cijfers, 2020 tot 2026

Hoeveel woningeigenaren maken bezwaar, hoe vaak dat slaagt, en wat de wetswijzigingen van 2024 en 2025 met die aantallen deden. Alle cijfers komen van de Waarderingskamer, de toezichthouder op de WOZ.

Primus WOZ · gepubliceerd op

Over belastingjaar 2026 maakten 220.000 woningeigenaren bezwaar tegen hun WOZ-waarde. Dat is 2,5% van alle woningen in Nederland, gemeten in het voorjaar. Zes jaar eerder was dat 2,4%, en in het piekjaar 2023 liep het op tot 7,2%.

Bezwaar maken is dus geen zeldzaamheid en ook geen gepasseerd station. Wat wel veranderd is, is wie het bezwaar indient. Die verschuiving staat in paragraaf 3, en zij verklaart het grootste deel van de daling.

1. Woningen onder bezwaar, 2020 tot 2026

De lijn hieronder is de voorjaarsmeting: de stand kort na afloop van de bezwaartermijn, in dezelfde maand gemeten voor elk jaar. Dat is de enige reeks waarin belastingjaar 2026 al meedoet, en daarom de enige waarmee je tot vandaag kunt vergelijken.

Van 7,2% naar 2,5%: het aandeel woningen onder bezwaar zakte na de twee wetswijzigingen terug naar het niveau van vóór 2023.

Bron: Staat van de WOZ 2026, bijlage 1 (Waarderingskamer, 23 juni 2026) · reeks samengesteld uit de Staten van de WOZ 2023, 2024 en 2026; de jaren 2020 tot en met 2022 zijn op 22 september 2026 tegen die eerste publicatie nagelopen

Woningen onder bezwaar in Nederland, 2020 tot en met 2026.Download als PNG1760 × 1274 pixels. Overnemen mag, met bronvermelding.
Woningen onder bezwaar per belastingjaar, landelijk
BelastingjaarWaardepeildatumVoorjaarDefinitiefAantal woningenWaardestijging
20201 januari 20192,4%2,9%242.000+8,6%
20211 januari 20202,7%3,2%260.000+7,3%
20221 januari 20212,5%3,1%268.000+9,5%
20231 januari 20227,2%8,0%685.000+17,0%
20241 januari 20233,9%4,3%355.000+2,8%
20251 januari 20243,3%3,3%286.000+5,4%
20261 januari 20252,5%volgt in juni 2027220.000+10,6%

Let op de laatste kolom. In 2026 stegen de WOZ-waarden met 10,6%, sterker dan in vier van de zes jaren ervoor. Toch daalde het aantal bezwaren. De verklaring ligt dus niet bij de waarden zelf.

2. Twee metingen per jaar, en waarom ze niet door elkaar mogen

De Waarderingskamer meet twee keer. In het voorjaar, kort na afloop van de bezwaartermijn, en nog een keer als alle bezwaren zijn afgehandeld. Dat tweede getal ligt hoger, want er komen nog gemeenten bij die hun beschikkingen laat verstuurden.

Dat verschil is verdwenen. Over belastingjaar 2025 stond de voorjaarsmeting op 3,3% en de definitieve stand op 3,3%: hetzelfde getal. De oorzaak is dat gemeenten hun beschikkingen inmiddels vrijwel allemaal op tijd versturen, zodat er geen staart met late bezwaren meer achteraan komt.

Vergelijk nooit de ene meting met de andere. 7,2% in 2023 naast 2,5% in 2026 mag: dat zijn twee voorjaarsmetingen. 8% naast 3,3% mag ook: twee definitieve standen. Een definitieve stand naast een voorjaarsmeting zetten mag niet, want dan telt het verschil tussen de twee meetmomenten mee als verandering.

3. Wie het bezwaar indient, is veranderd

Een deel van de bezwaren komt binnen via een gemachtigde die op no cure, no pay werkt. De Waarderingskamer telt die apart. Dat aandeel liep jarenlang op tot boven de helft, en stortte daarna in.

De daling zit vrijwel volledig bij de bezwaren via een no-cure-no-pay-gemachtigde: van 305.000 naar 36.000.De staaf over 2026 is de voorjaarsmeting; de drie eerdere jaren zijn definitief. Sinds belastingjaar 2025 schelen die twee metingen niets meer, maar voor 2023 nog wel ongeveer een tiende.

Bron: Staat van de WOZ 2026, bijlage 1 (Waarderingskamer, 23 juni 2026) · de staaf over 2026 is de voorjaarsmeting, de drie andere zijn definitieve standen

WOZ-bezwaren naar soort indiener, 2023 tot en met 2026.Download als PNG1760 × 1178 pixels. Overnemen mag, met bronvermelding.
Woningbezwaren naar soort indiener
BelastingjaarVia no cure, no payOverigTotaalAandeel no cure, no pay
2023305.000380.000685.00044,5%
2024188.000167.000355.00053,0%
2025154.000132.000286.00053,8%
202636.000184.000220.00016,4%

De zuiverste vergelijking is die tussen twee voorjaarsmetingen. In het voorjaar van belastingjaar 2025 liepen er 152.000 bezwaren via een no-cure-no-pay-gemachtigde, in 2026 nog 36.000. Een daling van 76% in één seizoen.

Het omgekeerde geldt voor de rest. Trek je die gemachtigden van het totaal af, dan gaan de overige bezwaren in diezelfde twee voorjaren van 133.000 naar 184.000. Woningeigenaren zijn dus niet gestopt met bezwaar maken. Er zijn er juist meer die het buiten een bulkgemachtigde om doen.

4. Hoe vaak een bezwaar slaagt

Van alle woningbezwaren over belastingjaar 2025 werd 30,2% gehonoreerd: de gemeente paste de waarde aan of vernietigde de beschikking. Zes jaar eerder was dat 38,7%.

Dat percentage verschilt sterk naar wie het bezwaar indiende, en die tweedeling is het nuttigste cijfer uit dit hele overzicht. De reeks en de uitsplitsing staan bij de argumenten, want daar horen ze bij de vraag waar ze antwoord op geven.

5. Wat de wet deed

Wie een WOZ-bezwaar laat behandelen door een gemachtigde, betaalt die gemachtigde in de regel niet zelf: bij een gegrond bezwaar vergoedt de gemeente de proceskosten. Dat bedrag is in twee stappen verlaagd.

De twee wetswijzigingen achter de daling
IngangEerste belastingjaarWat er veranderde
1 januari 20242024De proceskostenvergoeding gaat naar een kwart van het normale bedrag en wordt voortaan aan de woningeigenaar zelf uitbetaald, niet meer aan zijn gemachtigde.
1 januari 20252025De vergoeding wordt nogmaals gehalveerd, tot een achtste. In januari 2025 verklaart de Hoge Raad de beperking toelaatbaar.

Voor u als woningeigenaar veranderde er daarmee één ding: de vergoeding komt sindsdien op uw eigen rekening binnen en niet meer op die van uw gemachtigde. Uw recht om bezwaar te maken is niet aangepast, de termijn van zes weken niet, en de gronden waarop een bezwaar slaagt evenmin.

6. Wat er in totaal omging

De uitbetaalde proceskostenvergoedingen laten dezelfde beweging zien langs een andere weg.

Door gemeenten uitbetaalde proceskostenvergoedingen, alle WOZ-bezwaren
BelastingjaarUitbetaald
2021€ 18.000.000
2022€ 20.000.000
2023€ 41.000.000
2024€ 32.000.000
2025€ 14.500.000

Bron: Staat van de WOZ 2026, bijlage 1 (Waarderingskamer, 23 juni 2026) · bedragen afgerond op honderdduizend euro

De € 41.000.000 over belastingjaar 2023 was de directe aanleiding voor de wet, en meteen de maat van wat er sindsdien is weggevallen.

7. Bronnen en bijwerken

Alle cijfers op deze pagina komen van de Waarderingskamer, de onafhankelijke toezichthouder op de uitvoering van de Wet WOZ. De ordening en de berekende kolommen zijn van ons; de metingen niet.

De Staat van de WOZ verschijnt elk jaar in de tweede helft van juni. Het definitieve bezwaarpercentage en het honoreringspercentage over belastingjaar 2026 komen volgens die publicatie zelf in mei en juni 2027. Deze pagina wordt dan bijgewerkt, en de datum bovenaan verspringt mee.

Voor de volledigheid: het lopende belastingjaar is 2026, met waardepeildatum 1 januari 2025. De WOZ-waarde op uw beschikking hoort de marktwaarde op die datum te zijn, en niet de waarde van vandaag.

Benieuwd of uw WOZ-waarde te hoog is?

De eerste check duurt tien seconden en verplicht u tot niets.

Start de gratis adrescheck

Geen account of e-mailadres nodig